Home ›
Waaraan we dit verdiend hebben?
Tweet
- 08/09/2004
- De Standaard
- Katrien Hertog (*)
Aan kortzichtigheid, koppigheid en onwetendheid.
Maandag las ik in deze krant dat de gijzelaars in de school in Beslan “voortdurend bleven bidden. En aan zij die niet wisten hoe te bidden, leerden we het.”
Wat zou er gebeuren met je religieuze beleving wanneer zo’n hachelijk moment wordt uitgerokken tot lange, uitzichtloze jaren? Wanneer je op elk ogenblik van die lange jaren kan te horen krijgen dat je vader vermoord is, je broer spoorloos verdwenen, je zus verkracht, je kind uiteengereten op een mijn, je oom gechanteerd, het lijk van je man verkocht wordt voor losgeld dat je niet hebt, ... Wanneer je op elk ogenblik uit het diepste van jezelf moet putten om voldoende kracht en hoop te vinden om door te gaan, of wanneer al die ogenblikken versmelten tot een zinloze eeuwigheid, zonder hoop en zonder einde...
Is religie een oorzaak van radicaal geweld? Of is geweld een oorzaak van radicale religie?
De rol van religie in conflicten is meestal complex en veelzijdig. Het Tsjetsjeens-Russisch conflict is niet religieus in se, maar dat wil niet zeggen dat religie geen rol speelt in het conflict. De Islam vormt een wezenlijk element van de Tsjetsjeense identiteit, die door de oorlog onder druk gezet werd en radicaliseerde. De aanvankelijk seculiere onafhankelijkheidsstrijd werd aan Tsjetsjeense zijde, evenredig met de oorlogswreedheden, steeds meer geformuleerd in een religieuze taal en symboliek. De ambigue politieke en ethische omstandigheden vormden een ideale voedingsbodem voor een krachtige, eenduidige religieuze ideologie rond goed en kwaad.
Aangezien religie een wezenlijke factor (geworden) is in dit conflict, vereist dit conflict ook een methode van interveniëren die deze rol (h)erkent en aanwendt. Toch wordt er op het vlak van conflicthantering doorgaans weinig of geen aandacht besteed aan religie. Dit kan ten dele verklaard worden door denkpatronen die religie voornamelijk als oorzaak van geweld zien (en religie dus liefst zo ver mogelijk buiten elke conflictsituatie willen houden), maar ook door denkpatronen die religie nog steeds als (louter) privé-aangelegenheid zien, of als een al te ingewikkelde factor waar je alleen maar mee kunt verdwalen. Het terrein van conflicthantering en vredesopbouw wordt bovendien traditioneel erg ‘rationeel’ opgevat en uitgebouwd, wat natuurlijk haaks staat op een (irrationeel) religieus geloof en religieuze beleving. In sommige conflictsituaties, wanneer men inziet dat men niet buiten de religieuze factor kan, wordt religie toch op een doelgerichte en instrumentele manier betrokken bij het vredesproces. Zo werden in Irak de belangrijkste religieuze leiders betrokken in het politieke proces na de ‘bevrijding’, en werd in Tsjetsjenië de vroegere mufti van de republiek, Kadyrov, door Moskou tot hoofd van de regering aangesteld. Dergelijk mis-bruik van religie is echter een doorn in het oog van radicalere groeperingen, die zich op hun beurt verder afzetten, zoals de acties van Al Sadr en Shamil Basaev ons duidelijk maken.
Kortzichtigheid met betrekking tot de rol die Islam speelt in dit conflict, en onwetendheid over de manier waarop religie constructief kan geëngageerd worden in een vredesproces, zijn een eerste ernstige belemmering voor een vreedzame transformatie van dit conflict. Een tweede ernstige belemmering is het gebrek aan dialoog tussen de Russische autoriteiten en de verzetstrijders. Putin heeft tot nu toe elke dialoog met ‘terroristen’ geweigerd, inclusief met de (zeldzaam!) democratisch verkozen president Maschadov, maar ook onder de rebellen slaagt men er niet in om voldoende krediet op te bouwen om toch als betrouwbare en geloofwaardige gesprekspartner aanvaard te worden door Moskou. Dialoog betekent niet enkel praten met degene waarmee je al op dezelfde golflengte zit. Dialoog moet in de eerste plaats gevoerd worden met degene met wie men het meest van mening verschilt. Voor Putin betekent dit dialoog met vertegenwoordigers van Maschadov, maar ook met rebellenleiders zoals Basaev en andere strijders, want het zijn net zulke radicaal andersdenkenden die wereldwijd stokken steken in de wielen van zovele vredesprocessen.
Dialoog klinkt vanzelfsprekend, simpel en zelfs naïef, maar voor zover ik weet is geen enkel conflict ooit opgelost zonder een vorm van dialoog. Het is een moeilijke opdracht om de meest radicaal denkenden te engageren in een vredesproces en deze opdracht heeft enkel kans op slagen wanneer deze mensen aangesproken worden in hun eigen termen. Elke interventie in een conflict moet op een of andere manier de identiteit van de groep respecteren, in plaats van ze onder de voet te lopen.
Het discours van universele waarden kan werken in de meeste omstandigheden, maar werkt niet met die groeperingen die zich nu net afzetten tegen dit universele discours en in buitensporige mate de eigenheid benadrukken. Toch is er geen andere keuze dan ook met hen de dialoog aan te gaan, want zolang zij het gevoel hebben niet ernstig genomen te worden, zullen zij verder radicaliseren.
Ware dialoog vereist het overwinnen van angst. Pas wanneer men zijn angst voor de andere overwint, kan men zich echt openstellen voor, zo niet inleven in, het standpunt wan de andere dat je zo volkomen vreemd is. Men kan ook enkel zijn eigen standpunt op een niet-agressieve, vredevolle manier overbrengen, wanneer men vrij is van angst dat deze visie onderuit gehaald zal worden door de argumenten van de gesprekspartner. In dialoog treden lijkt dus op het eerste zicht eenvoudig, maar ware dialoog is in feite een keuze van de ‘sterken’. Dialoog blijven weigeren is een teken van kortzichtigheid, of koppigheid.
De zoveelste tragedie is nu geschied. De zoveelste directe aanleiding om van koers te veranderen en de spiraal van geweld te doorbreken, is aangebroken. De oorzaak van deze laatste tragedie is niet het internationaal terrorisme of Al Qaeda. De oorzaak is het onopgeloste conflict en het onvermogen van de betrokken partijen om in dialoog te treden. Het is op zich verheugend dat Putin zich tot de VN gewend heeft, want dankzij deze stap kan de internationale gemeenschap zich nu ook openlijk engageren voor het tot nu toe ‘interne probleem Tsjetsjenië’. De bedoeling van Putin mag er dan wel in bestaan via de VN een bevestiging te krijgen in zijn strijd tegen het internationaal terrorisme in Tsjetsjenië, de stap is ook een lichtpunt van hoop voor de Tsjetsjeense zijde die al jaren de hulp van dezelfde VN zoekt. De VN speelt immers een cruciale rol in het vredesplan dat door de regering van Maschadov is uitgewerkt. Volgens dit plan zou er in Tsjetsjenië een soort interim-bestuur onder leiding van de VN geïnstalleerd moeten worden voor een bepaalde periode, zoals in Kosovo, tijdens dewelke de veiligheid verzekerd kan worden, de heropbouw van Tsjetsjenië effectief kan beginnen en een politiek klimaat geschapen kan worden waarin later waarachtige verkiezingen kunnen gehouden worden. Het feit dat Putin zich nu zelf tot de VN wendt, is in principe voor de VN een kans om dit vredesplan, dat o.a. door het Europees Parlement gesteund wordt, eindelijk ernstig op te nemen.
Het conflict in Tsjetsjenië is, zoals de meeste conflicten, complexer dan het op het eerste zicht lijkt, waarbij de belangen en de belangengroepen over de jaren heen sterk geëvolueerd zijn. Het ‘nieuwe plan’ van Putin voor ‘stabiliteit in de regio’ klinkt echter niet veelbelovend, en de vastberadenheid waarmee men zich in dit nieuwe schooljaar alweer lijkt te verzetten tegen het leren van nuttige lessen die al eeuwenlang onderwezen worden, doet soms vragen rijzen over de goede wil van de betrokken partijen. Wat mij betreft is het toeschrijven van al deze ellende aan kwade wil een laatste optie, die slechts kan aangewend worden wanneer alle andere mogelijke strategieën zijn uitgeput.
Maandag las ik in deze krant dat de gijzelaars in de school in Beslan “voortdurend bleven bidden. En aan zij die niet wisten hoe te bidden, leerden we het.”
Wat zou er gebeuren met je religieuze beleving wanneer zo’n hachelijk moment wordt uitgerokken tot lange, uitzichtloze jaren? Wanneer je op elk ogenblik van die lange jaren kan te horen krijgen dat je vader vermoord is, je broer spoorloos verdwenen, je zus verkracht, je kind uiteengereten op een mijn, je oom gechanteerd, het lijk van je man verkocht wordt voor losgeld dat je niet hebt, ... Wanneer je op elk ogenblik uit het diepste van jezelf moet putten om voldoende kracht en hoop te vinden om door te gaan, of wanneer al die ogenblikken versmelten tot een zinloze eeuwigheid, zonder hoop en zonder einde...
Is religie een oorzaak van radicaal geweld? Of is geweld een oorzaak van radicale religie?
De rol van religie in conflicten is meestal complex en veelzijdig. Het Tsjetsjeens-Russisch conflict is niet religieus in se, maar dat wil niet zeggen dat religie geen rol speelt in het conflict. De Islam vormt een wezenlijk element van de Tsjetsjeense identiteit, die door de oorlog onder druk gezet werd en radicaliseerde. De aanvankelijk seculiere onafhankelijkheidsstrijd werd aan Tsjetsjeense zijde, evenredig met de oorlogswreedheden, steeds meer geformuleerd in een religieuze taal en symboliek. De ambigue politieke en ethische omstandigheden vormden een ideale voedingsbodem voor een krachtige, eenduidige religieuze ideologie rond goed en kwaad.
Aangezien religie een wezenlijke factor (geworden) is in dit conflict, vereist dit conflict ook een methode van interveniëren die deze rol (h)erkent en aanwendt. Toch wordt er op het vlak van conflicthantering doorgaans weinig of geen aandacht besteed aan religie. Dit kan ten dele verklaard worden door denkpatronen die religie voornamelijk als oorzaak van geweld zien (en religie dus liefst zo ver mogelijk buiten elke conflictsituatie willen houden), maar ook door denkpatronen die religie nog steeds als (louter) privé-aangelegenheid zien, of als een al te ingewikkelde factor waar je alleen maar mee kunt verdwalen. Het terrein van conflicthantering en vredesopbouw wordt bovendien traditioneel erg ‘rationeel’ opgevat en uitgebouwd, wat natuurlijk haaks staat op een (irrationeel) religieus geloof en religieuze beleving. In sommige conflictsituaties, wanneer men inziet dat men niet buiten de religieuze factor kan, wordt religie toch op een doelgerichte en instrumentele manier betrokken bij het vredesproces. Zo werden in Irak de belangrijkste religieuze leiders betrokken in het politieke proces na de ‘bevrijding’, en werd in Tsjetsjenië de vroegere mufti van de republiek, Kadyrov, door Moskou tot hoofd van de regering aangesteld. Dergelijk mis-bruik van religie is echter een doorn in het oog van radicalere groeperingen, die zich op hun beurt verder afzetten, zoals de acties van Al Sadr en Shamil Basaev ons duidelijk maken.
Kortzichtigheid met betrekking tot de rol die Islam speelt in dit conflict, en onwetendheid over de manier waarop religie constructief kan geëngageerd worden in een vredesproces, zijn een eerste ernstige belemmering voor een vreedzame transformatie van dit conflict. Een tweede ernstige belemmering is het gebrek aan dialoog tussen de Russische autoriteiten en de verzetstrijders. Putin heeft tot nu toe elke dialoog met ‘terroristen’ geweigerd, inclusief met de (zeldzaam!) democratisch verkozen president Maschadov, maar ook onder de rebellen slaagt men er niet in om voldoende krediet op te bouwen om toch als betrouwbare en geloofwaardige gesprekspartner aanvaard te worden door Moskou. Dialoog betekent niet enkel praten met degene waarmee je al op dezelfde golflengte zit. Dialoog moet in de eerste plaats gevoerd worden met degene met wie men het meest van mening verschilt. Voor Putin betekent dit dialoog met vertegenwoordigers van Maschadov, maar ook met rebellenleiders zoals Basaev en andere strijders, want het zijn net zulke radicaal andersdenkenden die wereldwijd stokken steken in de wielen van zovele vredesprocessen.
Dialoog klinkt vanzelfsprekend, simpel en zelfs naïef, maar voor zover ik weet is geen enkel conflict ooit opgelost zonder een vorm van dialoog. Het is een moeilijke opdracht om de meest radicaal denkenden te engageren in een vredesproces en deze opdracht heeft enkel kans op slagen wanneer deze mensen aangesproken worden in hun eigen termen. Elke interventie in een conflict moet op een of andere manier de identiteit van de groep respecteren, in plaats van ze onder de voet te lopen.
Het discours van universele waarden kan werken in de meeste omstandigheden, maar werkt niet met die groeperingen die zich nu net afzetten tegen dit universele discours en in buitensporige mate de eigenheid benadrukken. Toch is er geen andere keuze dan ook met hen de dialoog aan te gaan, want zolang zij het gevoel hebben niet ernstig genomen te worden, zullen zij verder radicaliseren.
Ware dialoog vereist het overwinnen van angst. Pas wanneer men zijn angst voor de andere overwint, kan men zich echt openstellen voor, zo niet inleven in, het standpunt wan de andere dat je zo volkomen vreemd is. Men kan ook enkel zijn eigen standpunt op een niet-agressieve, vredevolle manier overbrengen, wanneer men vrij is van angst dat deze visie onderuit gehaald zal worden door de argumenten van de gesprekspartner. In dialoog treden lijkt dus op het eerste zicht eenvoudig, maar ware dialoog is in feite een keuze van de ‘sterken’. Dialoog blijven weigeren is een teken van kortzichtigheid, of koppigheid.
De zoveelste tragedie is nu geschied. De zoveelste directe aanleiding om van koers te veranderen en de spiraal van geweld te doorbreken, is aangebroken. De oorzaak van deze laatste tragedie is niet het internationaal terrorisme of Al Qaeda. De oorzaak is het onopgeloste conflict en het onvermogen van de betrokken partijen om in dialoog te treden. Het is op zich verheugend dat Putin zich tot de VN gewend heeft, want dankzij deze stap kan de internationale gemeenschap zich nu ook openlijk engageren voor het tot nu toe ‘interne probleem Tsjetsjenië’. De bedoeling van Putin mag er dan wel in bestaan via de VN een bevestiging te krijgen in zijn strijd tegen het internationaal terrorisme in Tsjetsjenië, de stap is ook een lichtpunt van hoop voor de Tsjetsjeense zijde die al jaren de hulp van dezelfde VN zoekt. De VN speelt immers een cruciale rol in het vredesplan dat door de regering van Maschadov is uitgewerkt. Volgens dit plan zou er in Tsjetsjenië een soort interim-bestuur onder leiding van de VN geïnstalleerd moeten worden voor een bepaalde periode, zoals in Kosovo, tijdens dewelke de veiligheid verzekerd kan worden, de heropbouw van Tsjetsjenië effectief kan beginnen en een politiek klimaat geschapen kan worden waarin later waarachtige verkiezingen kunnen gehouden worden. Het feit dat Putin zich nu zelf tot de VN wendt, is in principe voor de VN een kans om dit vredesplan, dat o.a. door het Europees Parlement gesteund wordt, eindelijk ernstig op te nemen.
Het conflict in Tsjetsjenië is, zoals de meeste conflicten, complexer dan het op het eerste zicht lijkt, waarbij de belangen en de belangengroepen over de jaren heen sterk geëvolueerd zijn. Het ‘nieuwe plan’ van Putin voor ‘stabiliteit in de regio’ klinkt echter niet veelbelovend, en de vastberadenheid waarmee men zich in dit nieuwe schooljaar alweer lijkt te verzetten tegen het leren van nuttige lessen die al eeuwenlang onderwezen worden, doet soms vragen rijzen over de goede wil van de betrokken partijen. Wat mij betreft is het toeschrijven van al deze ellende aan kwade wil een laatste optie, die slechts kan aangewend worden wanneer alle andere mogelijke strategieën zijn uitgeput.
Members and contributors 2013
| Giuseppe R. Roma | 590 € |
| Salvatore P. Capistrello | 200 € |
| Giancarlo B. Torino | 30 € |
| Marco B. Merano | 20 € |
| Davide B. Prato | 50 € |
| Giuseppe P. Grottammare | 50 € |
| Maurizio T. Roma | 1.000 € |
| Rosa A. Firenze | 590 € |
| Giuliano G. Sondrio | 590 € |
| Sergio Pasquale R. Cremona | 500 € |
| Total SUM | 326.746 € |










